De wind blaast mijn haar zo hard de lucht in dat ik verbaasd ben dat
het even later weer gewoon over mijn oren valt. Verheugd steek ik mijn
neus in de lucht en snuif ik de ochtend op.

Het verkeer woelt om me heen maar ik kijk enkel naar de lichtblauwe
hemel met de wolken die zonder stoplicht veel verder komen. En weer
zo’n windstoot die in mijn oorschelp zingt “dit is wind meisje, de
rest is maar lucht”.

Ik lach luidop en wandel wat sneller. Mijn sjaal wappert als een vlag
van overwinning. Mijn hart zingt luid want het weet dat niets het
tegenhoudt. Er is geen wind tegen, alleen wind die me de juiste
richting uitwaait.